Van drie tot zes

Z’n beste boek. In ieder geval sinds Vergeef mij de liefde (2000). Met Van drie tot zes (2011) heeft Herman Brusselmans niet zijn zoveelste roman over de banaliteit van het leven geschreven, maar een grimmig boek over zijn eigen wanhoop.

We leven nog

Shiraz is een stad waar draadloos internet – in tegenstelling tot Esfahan – nog niet doorgebroken is. Vanuit het verloederde havenstadje Bushehr kan ik de buitenwereld wel weer een teken van leven geven.

Toeristen

De Iraniërs zijn een fantastisch volk. Vriendelijke, eerlijke mensen met niet te veel praatjes. Maar als dagjesmensen zijn ze verschrikkelijk.

Stof

Het blauw van de hemel gaat gesluierd achter een waas van woestijnstof. De woestijn is het terrein der zandnegers. Vandaag brengen wij haar een bezoek.

Slippertje

De tv in de ontbijtruimte van ons hotel staat op CNN. Een item over de Italiaanse premier Silvio Berlusconi en het proces over zijn seksfeestjes onderhoudt de aanwezige toeristen. Il Cavalieri loopt grijnzend in beeld.

Cultuurshock

Met ons groepje van acht zijn wij allicht de enige Westerlingen in heel Teheran. Vandaag duizenden mensen gezien op straat, in parken en in bazaars. Andere toeristen uit ‘onze’ côté van de wereld zijn we nergens tegengekomen.

Treinsurfen

‘Oké, we doen het!’ Ramon twijfelde niet lang toen Russische vrienden vroegen of hij mee aan een rijdende trein ging hangen. Zodoende denderde hij even later al treinsurfend door de suburbs van Moskou. Voor Humo interviewde ik de waaghals.